knkb

door: Erik-Paul Tenwolde

Het is maandagmorgen. Ik heb goed geslapen, maar een beetje raar gedroomd.
Ik loop voor de zekerheid naar beneden, al weet ik wat daar aantref.
Gelukkig, hij staat er en blijft een jaar lang daar staan:

beker m

Ik kijk naar de namen van de vorige winnaars en vind bij 1968 de naam waar ik naar op zoek was:

ben ruesen 1968 m

Ben Ruesen en zijn vrouw Lies zijn Doesburg's bekendste kegelaars; zij werden in de glorietijd van het Doesburgs kegelen - toen kegelen nog door duizenden werd beoefend - beiden Nationaal Kampioen in de A-klasse.

Toen ik op 33-jarige leeftijd bij VOG begon met kegelen werden mij de basisbeginselen van het kegelen bijgebracht door Ben; ik heb het dus geleerd van één van de besten. Het is een mooi gegeven dat ik na 33 jaar kegelen ook een plaatje op de beker krijg die mijn leermeester ook vermeld.

Had ik verwacht kampioen te worden ? Nee, echt niet. Kegelen is voor mij als een wandeling in de bergen: je ziet niet altijd waar het naar toe gaat; soms omhoog, soms omlaag, maar het genieten van de wandeling staat voorop. Ongemerkt loop je langer dan je denkt en bereik je plateaus waar het uitzicht al prachtig is, maar als je dan omhoog kijkt zie je dat je nog wat verder kan.
En plots gaat de weg wat steiler en na een aantal bochten ben je - eigenlijk toch nog onverwachts - dicht bij het hoogste punt aanbeland.

En al gaat het eigenlijk om de wandeling, hoe was dat laatste stuk ? Met andere woorden: hoe verging mij het in de wedstrijd om het KNKB Persoonlijk 2022 Klasse A op 10 april in Haarlem ?

De selectiewedstrijd in Heumen werd afgelast en daarom konden er 26 Heren A kegelaars aan de wedstrijd deelnemen.

Vorige week ben ik een keer naar Haarlem geweest om deel te nemen aan een oefensessie om de banen te verkennen. Dit lijkt (en is misschien ook wel) niet helemaal eerlijk naar de kegelaars die hieraan niet willen of kunnen deelnemen, maar die sessies worden georganiseerd om ieder een gelijke kans te geven: hierdoor worden voordelen - die men heeft door kennis van de banen door thuiswedstrijden, competitiewedstrijden of toernooien -  zo veel mogelijk teniet gedaan.

Ik start op baan 2, dat is gunstig want dat is de lastigste baan en die kan je beter maar in het begin van de wedstrijd hebben, dan aan het einde als de spanning hoog is. Mijn score is 125, dat is redelijk (al gooi ik een zes die je je in dit soort wedstrijden meestal niet kan veroorloven) en de schade valt mee, want er is maar één persoon die boven de 130 gooit: Pascal Thans (al eens eerder winnaar in 2004).

De tweede ronde gaat eigenlijk heel goed; de laatste bal is echter een vijf en dat is dan even heel diep ademhalen.

Dat baan 2 lastig ondervindt Sven Tervoert aan den lijve: met een baan van 105 zakt hij van plaats 2 naar plaats 20! Ik schuif ook nog voorbij vijfvoudig kampioen (2013 t/m 2017) Pierre Broersma, die een score onder de 120 gooit.

De derde ronde gaat weer prima. Ik kan de zenuwen behoorlijk beheersen en gooi een baan van 131. Pascal en Gerard gooien ieder ook 131 hout en dat verschil blijft dus hetzelfde. Ik passeer echter wel John van der Meulen, de kampioen van de laatste twee jaren dat het kampioenschap werd gegooid (2018 en 2019).

De wedstrijd is nu halverwege en duurt al drie uren en het is zaak om geconcentreerd te blijven. Dit lukt me goed en mijn score van 129 is precies het gemiddelde van mijn voorgaande banen en ik ben daarom tevreden. Gerard blijft op gelijke voorsprong van vier hout, maar Pascal loopt nu weer drie hout uit.

Ronde 5: de spanning in de wedstrijd loopt steeds verder op en ik merk dat ook bij het gooien: ik wil eigenlijk iets harder gooien, maar door de spanning in mijn arm lukt dat niet. De zuiverheid heeft er echter niet onder te lijden en ik gooi maar liefst 133 hout! Gerard gooide voor mij op deze baan 128 en daardoor heb ik in het totaal nu 1 hout meer dan hij. Pascal gooit op baan 1 ook 133 hout en handhaaft dus zijn voorsprong.

De laatste baan is aan de beurt en Pascal is met acht hout voorsprong eigenlijk niet in te halen, maar de tweede plaats lijkt haalbaar. Gerard gooit vóór mij en slaagt erin 131 hout te vloeren; om hem voor te blijven moet ik dus minimaal ook 131 gooien. De zenuwen gieren nu echt door mijn keel en ik probeer bij het gooien van de bal iedere keer uit te ademen om de spieren zoveel mogelijk te ontspannen. Dit heb ik geleerd van Harry Timmer en het lijkt te werken: ik start met een acht en daarna negens. Pascal gooit naast mij op baan twee en heeft het daar lastig: hij laat een paar hout liggen en dat met mijn serie negens verhoogt de druk op hem.

Ik concentreer me op mijn eigen gooien - ik moet immers 131 hout gooien - maar gluur zo nu en dan toch even opzij: ik ben vijf hout ingelopen na elf ballen. Ik hoor dan een onderdrukte kreet van Pascal en dat betekent waarschijnlijk een mindere score. Ik probeer rustig te blijven en die gewenste 131 te gooien. Na 14 ballen heb ik 124 en ik hoor achter me gefluister dat ik een acht moet gooien.
Zo'n laatste bal is dan superspannend en het is heel stil. Ik ben verbazend rustig en gooi hem goed weg. Aan het lawaai hoor ik dat de laatste score voldoende is voor de eerste plaats.

Ik ben verbaasd dat het gelukt is, maar kan er eigenlijk niet over nadenken want iedereen komt mij feliciteren.

Bij de dames is Marissa Tervoert voor de derde keer in successie Kampioen van Nederland geworden.
Eerlijk gezegd heb ik weinig van die wedstrijd meegekregen, zo druk was ik met mijn eigen wedstrijd.

"Gelukkig hebben we de foto's nog":

Ik bedank alle mensen die de moeite hebben genomen te kijken, live (André, Brenda, Erik) of via Livestream, en voor alle felicitatie-berichten. Leve de moderne techniek!

Erik-Paul

 

>> Klik HIER voor de volledige uitslag <<